Troost Lof, Merel Kamp

Troost

illustratie en tekst: Merel Kamp

Toen ik zes was speelde ik met mijn zus op het schoolplein een potje tennis. Al snel scheerde haar snoeiharde service rakelings langs mijn hoofd. Ze keek erbij zo van "Als ik het je te makkelijk maak, leer je het nooit." Onder de indruk en enigszins beduusd liep ik achterwaarts -God mag weten waarom- in de richting van de bal, struikelde daarbij over een biels en brak mijn beide voortanden. Het gevoel van de zanderige straatstenen op mijn lippen en de twee ruwe stompjes omgeven door lauw naar ijzer smakend bloed in mijn mond staat in mijn geheugen gegrift.

 

Krijsend leverde mijn zus me bij mijn moeder af. Toen ik met heel mijn lichaam snikkend, maar inmiddels in stilte treurend op haar schoot lag na een traumatisch bezoek aan de weekendtandarts vroeg mijn moeder wat een goede moeder dan vraagt: "Wat wil je eten? Je mag alles kiezen."  Ik koos zonder aarzelen voor lofsalade met goudrenetten en friet.

Als uit deze hartverscheurende passage uit mijn biografie iets mag worden afgeleid behalve mijn kinderlijke onhandigheid, is het wel dat eten een troostmiddel is. Dat wisten we natuurlijk al. Maar hoe werkt dat eigenlijk?

Volgens een recente studie (Health Psychology december 2015/NRC Wetenschap 6/7 december 2014)  werkt het eigenlijk gewoon helemaal niet. Deelnemers aan een experiment kregen nare filmfragmenten te zien. Zo naar dat sommigen tijdens het experiment wegliepen. Of de deelnemers na deze ervaring nu hun favoriete comfort food, gewoon iets lekkers of helemaal niets kregen, bij elk van hen was de stemming na drie minuten al weer verbeterd. Chips eten na het kijken van alle zeven Saw-films heeft dus weinig zin. Je kunt ook gewoon drie minuten wachten. En wat is nu drie minuten na zeven horrorfilms?

Toch komt deze uitkomst niet overeen met onze persoonlijke ervaring. Wanneer we ons werkelijk terneergeslagen en eenzaam voelen, helpt drie minuten wachten maar zelden. Zes minuten wachten helpt al evenmin en na twaalf minuten liggen we misschien al hysterisch wenend op de badkamervloer. En dat terwijl je in twaalf minuten ook een eenvoudige kippensoep kunt bereiden, en een aardig eind op weg bent met je browniebeslag. Lofsalade bereiden kan trouwens al in acht minuten.

Een studie uit 2011 (Psychological Science 2011 22: 747) naar de effecten van comfort foods op gevoelens van eenzaamheid en geborgenheid, suggereert dat ons troost-eten fungeert als een sociaal surrogaat. Dat wil zeggen: Bepaalde etenswaren associëren we met belangrijke relaties -de relatie met een ouder, of een goede vriend- die ons een gevoel van geborgenheid geven, dat als tegengif voor de eenzaamheid kan dienen. Dat komt, menen de wetenschappers, omdat we in het bijzijn van die personen aan dit voedsel werden blootgesteld. Het in mijn eentje nuttigen van moeders lofsalade roept dus gevoelens van geborgenheid op, omdat de salade werd genuttigd in huiselijke kring, waar ik omringd werd door mensen die mij liefhebben en die ik liefheb. Dus liefde gaat door de maag, zelfs als degene die je die liefde geeft niet fysiek aanwezig is. (Een voorwaarde is natuurlijk, dat je deze sterke positieve associaties van geborgenheid überhaupt hebt bij anderen.) Dezelfde wetenschappers menen ook dat het nuttigen van comfort food niet eens noodzakelijk is. Als je eraan denkt, of er iets over opschrijft, werkt het ook al.

Toen ik 's avonds verslagen door de dag in onze keuken aan de grenenhouten eettafel zat, kreeg ik geen hap door mijn keel. Ik at vier frieten en prikte doelloos in mijn lofsalade. Desondanks voelde ik me getroost. Misschien voelde ik me niet beter, dan ik me zou hebben gevoeld als ik die avond groene kool - mijn culinaire aartsvijand- voorgeschoteld had gekregen, daar kan die recentere studie best gelijk in hebben. Maar dat is ook niet wat troost inhoudt. Je hoeft je niet beter te voelen om je toch getroost te voelen (net zo min als je in gezelschap moet zijn om je geborgen te voelen). Wanneer een vriendin je troost na een heftige breuk, neem je het haar niet kwalijk als je je niet werkelijk beter voelt. Je bent haar dankbaar voor haar zalvende woorden. Troost is fijn zolang het duurt en nog even daarna. Een beetje zoals geaaid worden.

Dus als we ons neerslachtig voelen, of eenzaam, dan doen we er goed aan om ons te laten troosten door een kom kippensoep of bord lofsalade. Er wordt misschien niets werkelijk verholpen, maar de wonden worden gezalfd. Ook is het verstandig om niet achterwaarts, maar voorwaarts over schoolpleinen te lopen en nooit een enkele Saw film te kijken. Voorkomen blijft beter dan verhelpen.

 

 

ook interessant voor u: