Peren beeld: Merel Kamp

Peren in witte wijn met kardemom en crème fraiche

Beeld en tekst: Merel Kamp

Het kerstdiner. Een gelegenheid waarbij steevast een politieke, maatschappelijke, morele, esthetische of andere discussie ontstaat. Meestal gebeurt dit pas na het hoofdgerecht. Daarvoor is iedereen nog zorgeloos aan het keuvelen en elkaar aan het complimenteren voor bereide etenswaren. En dan opeens slaat het om. Iemand zegt terloops iets over duurzaamheid, de crisis, hoofddoekjes of Europa en dan begint het. Iemand anders reageert. Iemand verdedigt. Iemand valt bij. Er zwelt voelbaar iets aan en -boem- er is een discussie ontstaan. 

In elk gezelschap is meestal aanvankelijk 80% van de aanwezigen bij de discussie betrokken en na verloop van tijd wordt dat dan zo'n 40%. Afhakers gaan afruimen en glazen water bijschenken, alsof ze daarmee het vuur kunnen blussen. De doorzetters -althans, zo vinden zij zelf- offeren zich op om de zaak tot op de bodem uit te zoeken en verlichting te brengen. Daarbij luisteren ze niet of slecht naar elkaar. Hun meningen zijn onverenigbaar en toegeven is geen optie. Misschien willen ze vooral graag hun mening ophouden en ermee zwaaien, als met een sjaal met daarop de naam van hun favoriete voetbalclub. Wat is mijn mening toch mooi, waar en inzichtelijk en onoverwinnelijk! 

Het probleem en de oplossing

Het uitbreken van de discussie is onvermijdelijk. We zijn nu eenmaal allemaal overtuigd van het eigen gelijk. De vraag is dus niet hoe we de discussie kunnen voorkomen, maar meer hoe we ons zo kunnen opstellen, dat we niet als sjaal-zwaaiende voetbalhooligans tegenover elkaar eindigen. Ik geef u daarom graag het volgende mee: 

Journalist Kathryn Schulz -ze kwam al eerder ter sprake- legt in Being Wrong; adventures in the margin of error uit hoe we geneigd zijn ons tot onze eigen overtuigingen en de afwijkende overtuigingen van anderen te verhouden. Voor de eigen overtuigingen geldt de zogenaamde Cuz it's true-constraint: Onze overtuigingen zijn waar, omdat ze corresponderen met de werkelijkheid. Ze zijn objectief en getoetst. Overtuigingen van anderen zijn minder of niet waar en bovendien niet objectief tot stand gekomen. Ze komen voort uit subjectieve omstandigheden en voorliefdes en zijn verdacht om precies die reden. Geconfronteerd met overtuigingen die afwijken van de onze doen we één van drie mogelijke aannames over de ander:

1. The ignorance assumption "Ach, jij onwetende!": De ander is nog niet verlicht. Wat zielig! We moeten hem in heldere woorden de feiten presenteren, waarop hij zijn overtuiging in de eerste plaats had moeten baseren en het meningsverschil is verholpen. Ieder weldenkend mens, denkt er immers net zo over als wij.
2. The idiocy assumtion "Ach, jij idioot!": De ander is gewoon gek. Zelfs na onze heldere uitleg blijft hij hardnekkig overtuigd van zijn eigen gelijk. Nou ja zeg!
3. The evil assumption "Ach, jij snoodaard!" De ander draait de waarheid willens en wetens de rug toe. Hij heeft kwaad in de zin en wíl de feiten niet zien. 

Zelden of nooit, staan we stil bij onze eigen feilbaarheid, beïnvloedbaarheid, ongeïnformeerdheid en hoe dan ook ís er maar één waarheid. In familieverband komt het hopelijk niet tot aanname nummer 3. Die aanname vindt je eerder bij voor en -tegenstanders van abortus of de doodstraf of bijvoorbeeld tussen liberale en religieuze fanatici. Ook moet gezegd worden dat aanname nummer 2 niet altijd onjuist is. Het kan natuurlijk zijn dat de ander (of wijzelf dus, hè) over onvoldoende feitenkennis beschikt om te oordelen of ABBA nu écht goede muziek maakte en of windmolenparken in de Noordzee een zinnige besteding zijn. 

"Wat heb ik hier nu aan?", denkt u. Welnu. Nu u zich hiervan bewust bent, gaat u de discussie misschien op een andere manier aan. Beschouw het als een soort therapie. Wanneer we de mechanismen achter ons eigen gedrag eens hebben ingezien, zijn we er niet minder aan onderhevig, maar zijn we misschien wel uitgerust het tij te keren, of de val niet in te lopen. Dus als u uzelf hoort zeggen; "Als je de feiten bekijkt, dan kun je niet anders dan concluderen dat..." dan weet u nu hoe laat het is. Tijd voor het dessert.

 

Koop Being Wrong; adventures in the margin of error en betaal géén verzendkosten:

Being Wrong, Kathryn Schulz

De potaatoo boekwinkel is verbonden aan De Nieuwe Boekhandel van Monique Burger, een fysieke, onafhankelijke boekwinkel in Amsterdam.

Als u een boek bestelt via potaatoo, ontvangen wij een percentage en De Nieuwe Boekhandel de rest. Oftewel; u steunt niet alleen potaatoo, maar ook een échte boekhandel in een échte buurt en daarbij betaalt u géén vezendkosten!

 

 

  PEREN IN WITTE WIJN MET KARDEMOM (voor 4 personen, of 8 minder gulzige)


5 dl. droge witte wijn
1,5 el. citroensap
150 gr. fijne kristalsuiker
15 kardemompeulen (beetje gekneusd)
1/2 theelepel saffraandraadjes
mespunt zout
4 stevige handperen
crème fraiche (minimaal 250 ml.)

 

1. Doe de wijn, het citroensap, de suiker, kardemompeulen en, het zout en de saffraandraadjes in een pan waar de vier peren in passen. Breng dit geheel tegen de kook aan.

2. Doe de peren in de pan. Zorg dat ze onderstaan. Voeg indien nodig wat water toe. (Niet te veel.) Bedek de peren met een stuk op maat geknipt bakpapier en laat ze in 15-25 minuten gaar woren. Ze moeten niet tot moes gekookt worden. Prik af en toe in ze met en mes. Als het mes er gemakkelijk in glijdt, dan zijn ze klaar.

3. Neem de peren uit de pan en kook het vocht op hoog vuur in tot een siroop -tot ongeveer 2/3 van wat het was.
Giet de siroop over de peren en laat ze afkoelen. 

4. Serveer koud of lauw met een flinke dot crème fraiche.

5. Doe eventuele overgebleven siroop nooit weg. Het is lekker met yoghurt. Ook maak je er een geweldige cocktail van!

 

Dit recept is afkomstig uit het prachtige boek Jeruzalem van Yotam Ottolenghi en Sami Tamimi.
Jeruzalem, Sami Tamimi,  Yotam Ottolenghi

ook interessant voor u: